Nederland staat voor een enorme bouwopgave. De komende jaren moeten honderdduizenden woningen worden gerealiseerd om het tekort terug te dringen. Tegelijkertijd vraagt ook het maatschappelijk vastgoed om grootschalige vernieuwing. Veel schoolgebouwen, verpleeghuizen en andere publieke voorzieningen zijn verouderd en voldoen niet meer aan de eisen van deze tijd. Om deze opgave haalbaar te maken, groeit de aandacht voor nieuwe bouwmethoden, zoals industrieel bouwen. Kunnen kant-en-klare bouwpakketten het verschil maken en zorgen voor een versnelling?
De bouwambities van overheid en commerciële partijen zijn groot; het behaalde tempo is echter laag. Volgens de Bredase architect Pascal Grosfeld draagt een combinatie van factoren hieraan bij. “De regelgeving in ons land is bedoeld voor een goede organisatie van de ruimtelijke ordening, maar we hebben nu een moeras aan regels en dat werkt contraproductief. Daarnaast hebben we de stikstofproblematiek. In de buurt van een Natura 2000 gebied is bouwen vrijwel onmogelijk. En als je wel aan de slag kunt, heb je te maken met een tekort aan vakmensen.”
Tekort aan vakmensen
Volgens Grosfeld is dit tekort een structureel probleem dat zich niet even laat oplossen. “De focus lag de laatste decennia op hoog opleiden. Echte vakmensen hebben we steeds minder. Het zijn bijna allemaal 60-plussers, die binnenkort met pensioen gaan. Daardoor kunnen we niet meer zo bouwen zoals we dat vroeger deden. Honderd jaar geleden bouwden we met een heel team van vakmensen jarenlang aan een straatje. Zo kregen we de jaren 30 huizen. Prachtig, maar helaas nu niet meer realiseerbaar. Deze tijd vraagt om een andere manier van bouwen. Het traditionele bouwen is op zijn retour.” Ook Raymond Mentink, adviseur voor het maatschappelijk vastgoed bij de Brabantse gemeente Oosterhout ziet dat de gebruikelijke manier van bouwen geen oplossing is voor de vraagstukken van nu. “We zien bij aanbestedingen dat we nauwelijks goede aanbiedingen krijgen. En als we actief aannemers benaderen, trekken van de drie partijen er zich al snel twee terug omdat ze de mensen niet hebben. “
Bouwsystemen uit de fabriek
Als het gaat om onderwijshuisvesting heeft de gemeente Oosterhout een oplossing gevonden in modulaire bouwsystemen die rechtstreeks uit de fabriek komen. “Enkele jaren geleden hadden we te maken met een sterk groeiend aantal leerlingen bij een basisschool waardoor deze te klein was geworden. Er moest snel een oplossing komen. Het schoolbestuur heeft een kijkje genomen in de fabriek waar modulaire boxen worden gemaakt. Er volgde al snel een ontwerp en daarna de productie en realisatie ter plaatse. Dit was het eerste modulaire schoolgebouw in onze gemeente. Vanaf de initiatieffase in februari, stond er in slechts negen maanden een nieuw schoolgebouw en na de herfstvakantie konden de kinderen erin. Het ging hier om een tijdelijke oplossing, waardoor ook de procedure sneller kon.”
Aanpasbaar en verplaatsbaar
Na dit eerste modulaire schoolgebouw volgden er in Oosterhout snel meer. “Inmiddels zijn er op zes schoollocaties in onze gemeente op deze wijze klaslokalen toegevoegd. Het is een veel betere investering dan tijdelijke huisvesting huren. Daar betaal je flink voor en na afloop van het contract heb je niets. Deze nieuwe gebouwen kunnen lange tijd mee. De afschrijftermijn staat bij ons op 40 jaar. Na het einde van de levensduur hebben de materialen nog restwaarde: een bouwsteen met statiegeld. Voordeel is ook dat het systeem aanpasbaar en verplaatsbaar is. Als in de toekomst blijkt dat de gebouwen niet meer nodig zijn, kunnen we de boxen elders inzetten. We investeren zo in onderwijshuisvesting. Dit doen we nu op gemeentelijk niveau maar eigenlijk zou je dit gezamenlijk moeten doen op provinciaal niveau, of nog beter nationaal.”
landelijke aandacht voor vernieuwen van schoolgebouwen
De staat van onderhuisvesting is een landelijk probleem. Bij de hitte deze zomer bleek opnieuw dat vele schoolgebouwen niet zijn ingericht op de vele warme dagen van tegenwoordig. Ook in de winter zijn er problemen: tocht, beslagen ramen en een ongezond binnenklimaat. En torenhoge stookkosten. Om schoolbesturen te helpen sneller, goedkoper en kwalitatief betere schoolgebouwen te bouwen en te vernieuwen is daarom een Innovatieprogramma Onderwijshuisvesting (IPOVH) ingesteld. Scholen konden met een innovatief plan een beroep doen op financiering.
Oosterhouts model
In Oosterhout waren het gemeentebestuur en -raad snel enthousiast over de flexibele oplossing. De inwoners van Oosterhout moesten even wennen. “De omgeving was in het begin wat sceptisch. Onbekend maakt onbemind. Het is goed om de omwonenden bij het proces te betrekken. We hebben hen uitgenodigd en het verhaal verteld. Daarna volgde acceptatie. We zien nu dat ook andere gemeenten nieuwsgierig zijn. Men spreekt inmiddels van het ‘Oosterhouts-model’.”
Minder overlast tijdens bouw
Een groot voordeel vindt Mentink dat de overlast voor de buurt veel minder is. “Bij binnenstedelijk bouwen is dat altijd een issue. We hadden met dit systeem bij een schoolgebouw van bijna 1200 m2 maar vier dagen transport nodig om het te plaatsen. Als je dat afzet tegen traditionele bouw, dan ben je maanden in de weer met vrachtwagens, afzettingen, containers met materialen etc. Een enorme belasting voor de buurt.”
Bewoners reageren aarzelend
De modulaire systemen voor de Oosterhoutse scholen komen van een fabriek in het naburige Made. Eric Segeren van THEBOXSYSTEM begon met deze manier van bouwen voor de kantorenmarkt. “Flexibele oplossingen voor indoor. Later zijn we ons ook op outdoor gaan richten. Dat stelt hele andere eisen aan de bouwfysica en techniek.” Inmiddels voldoen de boxen ruimschoot aan alle eisen op het gebied van energie, duurzaamheid en circulariteit. Toch zijn bewoners vaak nog aarzelend. Segeren: “Het wordt vaak geassocieerd met containerbouw. En daar willen mensen niet in wonen.”
Eenheidsworst
Ook leeft het beeld dat prefab bouw leidt tot eenheidsworst. Grosfeld: “Dat geldt in feite voor elke bouwstijl en trend in het bouwen. Straatjes met jaren dertig huizen zien er ook identiek uit. Met een bepaald materiaalgebruik en vorm, en daar kan je dan eindeloos op variëren.” Mentink: “Wij zien in onze gemeente dat de boxen zich lenen om er je eigen uitstraling aan te geven, met houtwerk, kleurkeuze of andere afwerking. Toen ik een keer met mijn kinderen ging kijken naar een school, bestaande uit boxen, reageerden ze verbaasd: “Pap, ik zie helemaal geen boxen.”
Terug naar de basis
Toch vindt architect Grosfeld de oorspronkelijk basis in zijn eenvoud het mooist. Hij ontwierp en ontwikkelde THEBOXSYSTEM 2.0. Een systeem bestaande uit een frame en een dunne schil, die voldoet aan alle eisen voor geluid en isolatie. Daarbij kun je passende gevels zoeken. Met een groot raam, half raam of deur bijvoorbeeld. “Je maakt zelf de keuzes aan de hand van wat je nodig hebt, de locatie, de bezonning, enzovoort. Zo stel je zelf je eigen gebouw samen. Vergelijk het met een IKEA-ontwerp. De module is 3.6 x 3.6. en stapelbaar. We kunnen tot drie bouwlagen bouwen “
Kosten over de lange termijn
Elk gebouw is anders, maar wel in een herkenbare stijl. “De vraag van de opdrachtgever en de situatie bepaalt de uniciteit. Door het systeem eenvoudig te houden is het heel goed aan te passen aan een nieuwe situatie en functie. Puurheid is de essentie. Je gebruikt alle onderdelen weer opnieuw zonder waste. Een optimale circulariteit. En het onderhoud is minder, dan wanneer er van alles omheen wordt gebouwd. Als je kijkt naar de kosten dan zijn de initiële kosten iets hoger dan een vergelijkbaar traditioneel gebouw, maar de optelsom van alle kosten gedurende de levensloop van een gebouw is veel gunstiger. Denk aan onderhoud, beheer, energie, et cetera. Gelukkig is daar tegenwoordig meer aandacht voor.” Segeren kan deze minimalistische aanpak wel waarderen: “Ik kom uit de kantoormarkt. Daar heb ik geleerd: hoe simpeler, hoe beter. Want hoe meer, hoe meer onderhoud ook. Deze tijd vraagt om snelheid, flexibiliteit en zo weinig mogelijk afval.”